MAIL3 Handleiding v.3.01 - 28-07-94 ***************** ***************** Met Mail3 kan u rechtstreeks vanuit de Series3(a) Data-bestanden (.dbf) op etiketten of als lijst afdrukken. Het programma ondersteunt zowel parallele als seri‰le printers. INSTALLEER het programma als volgt: copieer d.m.v. de "Seri‰le Link" de mappen "APP" en "3ML" naar het interne geheugen van de Series3(a) of plaats ze op een SSD. Let erop eveneens de map "MAIL3", welke zich in de map "APP" bevindt, te copi‰ren. DATABASE-Menu ************* *** OPEN .dbf *** Alvorens een DataBase op etiketten gedrukt kan worden, moet ze in Mail3 geopend worden. Doe dit d.m.v. de menu-funktie "OPEN.dbf". Wanneer de DataBase reeds door een andere applicatie in gebruik is, zal Mail3 de foutmelding "REEDS IN GEBRUIK" geven. *** SLUIT .dbf: *** Wanneer u de gebruikte DataBase wenst te sluiten, zonder echter het programma Mail3 te verlaten, selekteert u SLUIT.dbf. *** SELEKTEER KAARTEN *** Het is mogelijk slechts die kaarten af te drukken waarin een bepaalde zoeksleutel voorkomt. Kies "Selekteer Kaarten" en zet de optie "Druk" op "Selektie". U wordt nu verzocht een zoeksleutel in te voeren en aan te geven in welk veld van de DataBase deze moet voorkomen. Het hoogste veldnummer dat gekozen kan worden is 12. Standaard staat de optie "In Veld" op "een der...". Hierdoor volstaat het dat de zoekstring in ‚‚n van de eerste 12 velden voorkomt en de kaart zal afgedrukt worden. ETIKETTEN-Menu *********** *** OPMAAK *** Hier voert u de afmetingen van het papier en de etiketten in. Handig is eerst de breedte, hoogte en marges van het papier op te geven. Wanneer u hierna het aantal rijen en kolommen invoert, zal Mail3 automatisch de breedte en hoogte van 1 etiket berekenen. De maximum papierhoogte en breedte is 299 mm. U kan hoogstens 20 vertikale kolommen en 60 horizontale rijen aanmaken. Door op de 'esc'-toets te drukken keert u terug naar de hoofdmenu. De optie "Maateenheid" in de hoofdmenu laat toe te kiezen tussen een notering in Inches of in millimeter. *** DEFINIEER VELDEN *** Het is mogelijk de volgorde waarin de DataBase-velden op een etiket verschijnen aan te passen. Kies "Definieer Velden". Begeef u d.m.v. de pijl-toetsen (op/neer) naar de te herdefini‰ren lijn en druk op de "Enter"-toets. Voer nu het nummer in van het gewenste DataBase-veld voor de geselekteerde lijn. Wanneer u de optie "Druk Lijn" op "Blanco Lijn" zet, zal deze lijn op alle etiketten blanco blijven. D.m.v. de pijl-toetsen (links/rechts) wordt de volgende of vorige fiche uit de database opgeladen. Zo kan reeds een idee gevormd worden van hoe deze later op de etiketten zullen staan. Door op de 'esc'-toets te drukken keert u terug naar de hoofdmenu. *** DEFINIEER TEKSTSTIJL *** Hiermee bepaalt u of een lijn al dan niet onderlijnd, vet of cursief gedrukt moet worden. Begeef u met de pijl-toetsen naar de te wijzigen lijn, druk "Enter" en kies de gewenste TekstStijl. Door op de 'esc'-toets te drukken keert u terug naar de hoofdmenu. Mogelijk gebruikt uw printer voor het defini‰ren van de tekststijl andere kontrole-karakters dan het Mail3-programma. In dat geval zal u merken dat de printer overbodige kontrole-karakters afdrukt. U kan dit verhelpen door uw printer in de juiste emulatie te plaatsen. Of anders door in de Hoofd-menu "Extra printerinstellingen" te kiezen en de optie "TekstStijl" op "uit" te zetten. *** EXTRA PRINTERINSTELLING *** Hier kiest u het type 'nieuwe-lijn karakter' (linefeed) waarvan gebruik zal gemaakt worden tijdens het drukken van de etiketten. * Wanneer u de keuze 'Normaal' maakte, zal het karakter om naar een nieuwe lijn te gaan de ASCII-waarde 10 hebben. De meeste printers herkennen dit karakter. U zal op deze wijze snel en makkelijk een afdruk van de etiketten kunnen maken. Het nadeel is dat het gebruik van dit standaard 'nieuwe-lijn karakter' niet toelaat de printerkop precies genoeg te positionneren. Hierdoor kan het gebeuren dat de door u ingevoerde paginahoogte niet helemaal gerespekteerd wordt bij het afdrukken van de etiketten. * Stelt u het 'nieuwe-lijn karakter' in op 'Grafisch', dan zal de printer de opgegeven paginahoogte wel degelijk respecteren. De meeste printers hebben de mogelijkheid tot op 1/216e van een INCH de printerkop vertikaal over het papier te bewegen. Dit wordt aan de printer duidelijk gemaakt door het zenden van de "escape-code" voor een grafische 'Linefeed'. Raadpleeg de handleiding van uw printer om na te gaan welk karakter gebruikt moet worden om een "‚‚nmalige LineFeed van n/216 INCH" te sturen. In veel gevallen zal dit een "3" of een "T" zijn. Mogelijk kent uw printer geen "escape-code" voor een "LineFeed" van n/216e INCH. Vandaar werd de optie "... voor n/... INCH" voorzien. Verandert u hier bijvoorbeeld de waarde 216 in 72, dan zal Mail3 de "escape-code" voor n/72 INCH gebruiken. Meest voorkomende waarden zijn: 72, 144, 180, 216 en 360. In weinige gevallen zal ondanks een exacte opgave van de pagina-hoogte en het gebruik van de juiste "escape-code" de uiteindelijke hoogte van de afdruk niet kloppen. Ook hieraan kan verholpen worden. Door de waarde van "... voor n/... INCH" te verhogen of verlagen zal u merken dat de vertikale schaal van de afdruk verhoudingsgewijs verkleind of vergroot. Sommige printers zijn niet in staat tot de onderste rand van een pagina af te drukken, alvorens een "OUT OF PAPER"-foutmelding te geven. Gevolg hiervan is dat de tekst die onderaan de vorige pagina afgedrukt moest worden wegvalt of bovenaan de volgende pagina afgedrukt wordt. Door de optie "Afdruk-Zone" op "Onderste rij blanco" te zetten, omzeilt u dit probleem. Mail3 zal dan van elke pagina de onderste rij etiketten onbedrukt laten. Dit zonder dat er fiches uit de DataBase verloren gaan. Geeft de printer tussen elke regel een dubbele of helemaal geen lijnspatie, dan moet u de optie "Nieuwe lijn karakter" aanpassen. "LF" staat hier voor een "LineFeed" en "CR" voor een "Carriage Return". *** PRINT ETIKETTEN *** Nadat u de juiste "Printer-Instellingen" gekozen heeft kan u met "Druk Etiketten" de geopende DataBase afdrukken. Indien uw printer reeds aanstond, schakelt u hem eerst uit en terug aan. Dit opdat de printer zich in zijn standaard-configuratie zou bevinden. Wanneer na het kiezen van "Druk Etiketten" de melding "Bestand niet open" verschijnt, betekent dit dat nog geen DataBase geopend werd. Mail3 vraagt nu vanaf en tot welke pagina afgedrukt moet worden. Druk op "Enter". Wanneer in de "Printer-Instellingen" de optie "kettingpapier" op "Ja" staat, zal Mail3 zonder onderbreking alle pagina's na mekaar beginnen afdrukken. Staat deze optie op "Neen", dan vraagt het programma u tussen het afdrukken van elke pagina in, de printer van papier te voorzien en "ONLINE" te zetten. Het printen kan onderbroken worden door op "TAB" te drukken. Verschijnt de foutmelding "Kontroleer uw Printer (-41)", ga dan na of in "Printer-instellingen" de juiste poort gekozen werd (parallel of serieel). Kontroleer eveneens of de juiste interface op uw Series3 is aangesloten (Parallel Link of Serial Link). De melding "Poort reeds in gebruik" betekent dat er een andere Series3-applicatie reeds van de poort gebruik maakt (bv. 3Link). LIJST-Menu ********** Een DataBase als lijst afdrukken. *** PAGINAGROOTTE *** Voer hier de breedte en hoogte van de pagina alsook de marges in. *** DEFINIEER VELDEN *** Kies welke velden in welke kolom afgedrukt moeten worden. *** BREEDTE KOLOMMEN *** Het aantal kolommen is beperkt tot 7 Stel hier de breedte in. Wenst u bijvoorbeeld slechts 4 kolommen te gebruiken, stel dan de breedte van de overige kolommen in op 0. Wanneer de totale breedte van de kolommen die van de paginabreedte (- de marges) overschrijdt, dan zullen de kolommen automatisch herberekend worden. *** TEKSTSTIJL KOLOMMEN *** Hiermee bepaalt u of een kolom al dan niet onderlijnd, vet of cursief gedrukt moet worden. Mogelijk gebruikt uw printer voor het defini‰ren van de tekststijl andere kontrole-karakters dan het Mail3-programma. In dat geval zal u merken dat de printer overbodige kontrole-karakters afdrukt. U kan dit verhelpen door uw printer in de juiste emulatie te plaatsen. Of anders door in de Hoofd-menu "Extra printerinstellingen" te kiezen en de optie "TekstStijl" op "uit" te zetten. *** PRINT LIJST *** Drukt het geopende databestand in de vorm van een lijst af. Voor meer informatie; zie 'Print etiketten'.@ SPECIAAL-Menu ************* *** OPMAAK LADEN *** Een eerder bewaarde Pagina-opmaak en Printer-Instellingen worden hersteld en de juiste DataBase wordt opnieuw geopend. Het te laden bestand moet de extentie .3ML hebben. Op de Mail3-Disk bevinden zich in de 3ML-folder reeds een aantal 3ML-bestanden. De Pagina-opmaak is bij elk hiervan identiek. Wel verschillen de printer-instellingen. De naam van het .3ML-bestand verwijst telkens naar de printer waarvoor de parameters juist gekozen werden. Wanneer Mail3 na het laden de foutmelding "DataBase niet geopend" geeft, betekent dit dat de gewenste DataBase niet gevonden werd. Door in de hoofdmenu de optie "Open.dbf" te kiezen, kan u de DataBase alsnog opsporen of een andere DataBase openen. *** OPMAAK BEWAREN *** De naam en lokatie van de geopende DataBase, de Pagina-opmaak en de Printer-instellingen kunnen zo bewaard worden. De naam van het bestand krijgt de extentie .3ML. *** NIEUWE OPMAAK *** Stelt opnieuw alle standaardparameters in. Indien de huidige opmaak niet bewaard werd, gaat deze verloren. *** PRINTERINSTELLINGEN *** Doen er zich tijdens het printen problemen voor, dan kunnen deze hoogstwaarschijnlijk verholpen worden door de "Printer-Instellingen" aan te passen * Met de optie "Poort" kiest u het type van printerpoort. Is deze Serieel, dan wordt gevraagd de juiste communicatie-parameters voor de gebruikte printer in te stellen. Raadpleeg hiervoor de handleiding van uw printer. * Geeft de printer tussen elke regel een dubbele of helemaal geen lijnspatie, dan moet u de optie "Nieuwe lijn karakter" aanpassen. "LF" staat hier voor een "LineFeed" en "CR" voor een "Carriage Return". * Wanneer "Kettingpapier" op "Ja" gezet wordt, zal Mail3 alle pagina's zonder onderbreking afdrukken. Wanneer deze op "Neen" staat, dan vraagt het programma u tussen het afdrukken van elke pagina in, de printer van papier te voorzien en "ONLINE" te zetten. * "TekstStijl" bepaalt of Mail3 al dan niet gebruik zal maken van de instelling uit "Definieer TekstStijl". Mogelijk gebruikt uw printer voor het defini‰ren van de AfdrukStijl andere kontrole-karakters dan het Mail3-programma. In dat geval zal u merken dat de printer ongewenste kontrole-karakters gebruikt of toevoegt. Door "TekstStijl" op "Uit" te zetten worden helemaal geen kontrole-karakters naar de printer gestuurd. Alle tekst wordt dan in het standaard lettertype van de printer afgedrukt. De meeste printers zijn voorzien van een aantal "DIP-Switches". Door deze te verzetten kan u onder andere de "emulatie-mode" van de printer aanpassen. Zorg ervoor dat de printer in de "EPSON FX" of "IBM-Proprinter"-emulatie staat. Wanneer geaccentueerde karakters niet door de printer afgedrukt worden, dient u de printer in de juiste "karakter-set" te plaatsen. Dit doet u eveneens d.m.v. de "DIP-switches" op uw printer. Raadpleeg eerst de printer-handleiding. *** MAATEENHEID *** Hiermee kiest u de eenheid waarin de afmeting genoteerd worden. *** EINDE *** Verlaat en sluit het programma. **************************************